De Noodzaak van een leven lang leren
Over een leven lang leren wordt veel gesproken. Een zoekopdracht via Google op deze term levert bijna 2 miljoen zoekresultaten op. Dat is niet zo gek. Iedereen voelt wel aan dat onderwijs belangrijk is. We zitten niet voor niets tussen ons 5de en 18de jaar verplicht op school. Maar wat is nu een leven lang leren in de praktijk en waarom is het zo belangrijk?
Definitie leven lang leren
Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ziet leren als “een blijvend onderdeel van het leven, en vooral ook van het werken”. De Europese Commissie hanteert een brede definitie van een leven lang leren: "Alle vaardigheden die gedurende het hele leven ontplooid worden om kennis, vaardigheden en competenties vanuit een persoonlijk, burgerlijk, sociaal en/of werkgelegenheidsperspectief te verbeteren.” Kennis en werken zijn in ieder geval onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dit is het sociaal-economische perspectief.
Redenen ‘life long learning’
Vanuit sociaal-economisch perspectief zijn er drie redenen waarom training en opleiding belangrijk zijn (bron: ROA 2009):
· upgrading van competentie-eisen;
· competentieveroudering;
· vergrijzing (van de beroepsbevolking)
Upgrading competentie-eisen
Nederland is in rap tempo een kenniseconomie geworden. De textielindustrie verdween en mijnen werden gesloten. In plaats daarvan kwamen (meer) consultancy-bedrijven, financiële instellingen en software-bouwers. Dit betekende nogal wat voor de werkgelegenheid. Er werden opeens veel meer hoger opgeleiden gevraagd, met hele andere kennis en vaardigheden dan in het ‘industriële tijdperk’. Bovendien moeten medewerkers steeds meer vaardigheden hebben. Naast technisch inhoudelijke kennis, ook communicatieve vaardigheden om met de klant te kunnen praten. Liefst ook nog commerciële vaardigheden om ‘verkoopkansen op te pikken’. Begin deze eeuw kondigde bijvoorbeeld de Rabobank aan dat alle medewerkers voortaan minimaal een MBO-diploma moesten hebben. Oók het zittende personeel. Mensen die dus al twintig jaar bij de bank zaten, moesten de schoolbanken weer in.
Competentieveroudering
Ontwikkelingen gaan snel. Dagelijks komen er nieuwe beroepen bij en verdwijnen er even zovele. In het filmpje Did you know 3.0? (vanaf seconde 39) wordt gesteld dat de helft van de top 10 banen in 2010 in 2004 nog niet bestond. Voor organisaties, maar vooral voor de werknemers binnen die organisaties, is het noodzaak bij te blijven. Zich continu aan te passen aan veranderende omstandigheden. Kennis en vaardigheden verouderen. Voor succesvol functioneren of concurreren is up to date kennis nodig. Informatie vermenigvuldigt zich vandaag de dag iedere 12 uur.
Vergrijzing
Door het ouder worden van de beroepsbevolking gaat competentieveroudering nog sneller. Oudere werknemers hebben een grote scholingsbehoefte. Hun kennis is immers meer verouderd dan bij jongere medewerkers, simpelweg omdat het langer geleden is dat zij initieel onderwijs hebben genoten. Ook vanwege slijtage, tevens actueel in het kader van het wao-debat en de definitie van zware beroepen, verouderen competenties sneller. Juist in verband met langer doorwerken is er meer behoefte aan training en opleiding. Een quote uit het rapport Leren en Werken (ROA 2009) “De productiviteit van ouderen zal op peil moeten blijven om hen langer inzetbaar te houden op de arbeidsmarkt (Bartel en Sicherman, 1993). Dit vereist dat zij blijven investeren in hun menselijk kapitaal (Montizaan en de Grip, 2008a; Fouarge en Schils, 2009)”.
Opleidingsbudget
Gezien bovenstaande ontwikkelingen en de uitdagingen waarvoor we economisch gezien staan is het geruststellend te horen dat niet gesneden wordt in opleidingsbudgetten. Als er geschrapt moet worden sneuvelen de bonus, winstdeling en auto eerder. Dat is een begin. Zo komt een leven lang leren wel van de grond. Nu nog die opleidingsbudgetten effectief inzetten….
Graag een opleiding, maar krap bij kas?





